Een nieuw wereldrecord – doping?

Dennis Kimetto in Berlin
Dennis Kimetto in Berlin, picture http://www.IAAF.org

In Berlijn liep Dennis Kimetto een klinkend wereldrecord, met 2:02’57 bijna een halve minuut sneller dan het oude record dat sinds 2013 op naam stond van Wilson Kipsang. Oud marathonloper Luc Krotwaar (2u10’13 in 2003) zet openlijk zijn vraagtekens bij het nieuwe record. Volgens hem is er 10% kans dat het record dopingvrij is. Terecht?

De beschuldiging komt natuurlijk niet uit het niets. Het is nog niet zo lang geleden dat de complete wielrentop aan de doping zat. Marathonlopen is tevens een duursport, dus zouden bepaalde methoden (EPO, bloeddoping) ook in de marathonsport effectief kunnen zijn. Bovendien staat het anti-dopingbeleid van Kenia ter discussie. De afgelopen jaren zijn tal van Kenianen op doping betrapt en in oktober 2013 tikte de WADA (wereldwijde anti doping agentschap) de Keniaanse atletiekbond nog op de vingers vanwege tekortkomingen in controle en bestrijding van dopinggebruik. Volgens Luc Krotwaar wordt in de trainingsperioden van atleten nauwelijks op doping getest omdat er geen laboratorium binnen bereik is. Atletenmanager Gerard van de Veen stelt echter dat Dennis Kimetto meer dan tien keer gecontroleerd is binnen één jaar. Doping is onzin, zegt hij. Ook anderen bestrijden dat er in Kenia niet of onvoldoende wordt getest.

Wie heeft er nu gelijk? Op de insiders atletiekwebsite Losseveter krijgt Luc Krotwaar er hard van langs: hij heeft geen concrete aanwijzingen en speculeren over dopinggebruik is schadelijk voor iedereen. Kortom, de toon en argumentaties zijn hetzelfde als in de periode dat iedere wielrenner ‘s nachts aan het infuus hing en critici verbaal werden afgetuigd. Sedertdien is iedere topprestatie per definitie verdacht en zolang doping niet aangetoond is, heerst er twijfel. Van Armstrong hebben we bovendien geleerd dat een negatieve dopingtest helemaal niet betekent dat een prestatie schoon is en zelfs bij een positieve test wil een betrapte atleet ons doen geloven dat er sprake is van een zogenaamde fout-positieve test. Kortom, zekerheid bestaat niet.

De eerste vraag is of de prestatie van Dennis Kimetto zo bijzonder is. In het verleden heeft hij al bewezen enorm hard te kunnen lopen en gezien de optimale omstandigheden in Berlijn (10 graden, geen wind, vlak parcours, 1 tegen 1 strijd tot eind van de race) is de prestatie helemaal niet zo opzienbarend (toegegeven – een opzienbarend statement bij een opzienbarend wereldrecord). Wat ik persoonlijk veel opvallender vind, is dat een tijd onder de 2u05 tot 2006 nog uniek was (Slechts eenmallig voorbehouden aan Paul Tergat en Sammy Korir in Berlijn, 2003) en sindsdien tientallen atleten die tijd hebben beslecht. Een ander opvallend feit is dat sinds 2012 de Ethiopiërs ineens terug zijn in de marathontop, terwijl voordien Haile Gebrselassi de enige Ethiopiër was die onder de 2u05 liep. Dat riekt, nietwaar? Aan de andere kant, als doping zo’n liefhebberij was onder Europese wielrenners, waarom zouden Afrikaanse atleten wel en Europese marathonlopers niet gebruiken?

Zijn er andere verklaringen voor de snelle Afrikaanse progressie dan doping? Michel Butter stelt dat de Keniaanse trainingsmethodes zijn verwesterd en dus beter zijn geworden, wat gezien de armoedelijke staat van het westerse marathonlopen een bijzondere opvatting is. Kamiel Maase, die een semiwetenschappelijke functie bekleed bij NOC-NSF, gooit het (niet al te wetenschappelijk) op de psyche, in zijn ogen gaat het om een mentaliteitsverandering. Van de overige Nederlandse kenners zijn de meesten zo direct in het Keniaanse marathonwereldje verweven, dat hun mening niet als objectief kan worden beschouwd.

Blijft staan de mening van Luc Krotwaar, tenslotte, die stelt dat het laatste wereldrecord waar hij zijn handen voor in het vuur durft te steken, dat van Belayneh Densoma is, die in 1988 2:06’50 liep. Toen was Krotwaar 20 jaar; aangezien een minderjarige niet in staat kan worden geacht om in te schatten waarvoor hij wel en niet zijn handen in het vuur kan steken, gaat het dus om slechts één wereldrecord waar hij in gelooft. Misschien moeten we de verklaring van Luc Krotwaar dan ook anders opvatten, en zegt hij eigenlijk dat hij op twintigjarige leeftijd het vertrouwen in de medemens heeft verloren.

Verdorie, blijven we over met speculaties en onbetrouwbare verklaringen. Wat moeten we daar nu mee? Wel, in mijn ogen staat gezonde twijfel dichter bij de werkelijkheid dan een overtuiging. Twijfel is redelijk en twijfel is bovendien wat de mens tot mens maakt: Puisque je doute, je pense; puisque je pense, j’existe. Met deze onzekerheid moeten we het dus doen. Het is aan de Keniaanse atletiekbond, atletenmanagers en atleten (deze laatsen zijn, indien ‘schoon’, immers gebaat bij schone concurrenten) om met gedegen laboratoriumvoorzieningen en niet-corrupte laboranten de twijfel tot een minimum te reduceren en het is aan ons allemaal om scherp op te letten en niet slechts te geloven wie we willen geloven, want feit is dat voor doping de marathon in potentie een gewillig slachtoffer is. Een dubieuze houding van de Keniaanse atletiekbond kent slechts verliezers.

Kortom: twijfel is altijd gezond en in dit geval zelfs terecht, maar bewijs voor een uitgebreid dopingnetwerk, zoals we dat in het Europese wielrennen kenden, in Kenia en Ethiopië is er nog maar allerminst.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.