Voetbal is geld

Het veld is meer zand dan gras en boven de menigte danst een stuk blauw plastic op de wind. Na tweeëntachtig minuten eindigt de wedstrijd bij één-één stand in een vechtpartij. De gele shirts belagen de scheidsrechter, en volgens de regels van de bond gaan zij dan ook als verliezers te boek. Suwendy, trainer van de rode broeken, pakt de bal en maakt zijn punt: ‘Basta! Als er gevochten wordt, kappen we er gewoon mee. Het is trouwens míjn bal.’

Voetbal is oorlog, maar voetbal is ook feest. Bij een doelpunt bestormen ze het veld, de kinderen voorop, dan de mannen en de vrouwen. Er wordt gezongen en er wordt gedanst. Maar als het spel weer wordt hervat, moet iedereen buiten de imaginaire lijnen van het veld staan. Wie dat niet doet, loopt het risico van een klap met de stok. Telkens als de lijnbewaker eraan komt rennen, deint het publiek achteruit. Qua entertainment zou een wedstrijd als deze een kaskraker zijn.

‘Twintigduizend kwacha,’ roept Victoria verontwaardigd uit als ze hoort wat de inzet van de wedstrijd is. Twintigduizend kwacha is zo’n vijfentwintig euro. Deel dat maar eens door elf plus drie wisselspelers. ‘Het is een schande dat er voor zo weinig geld wordt gespeeld,’ zegt ze. ‘Tweehonderdduizend zou redelijk zijn. Maar ja, er is honger. De winkelier op de hoek die het prijzengeld heeft uitgeloofd, moet ook de eindjes aan elkaar knopen. En ja, alle beetjes helpen, voor de mensen. Dus voetballen ze nu voor twintigduizend.’

We zitten bij een collega in de tuin, aan de oever van het meer, in een koepel van kunstmatig licht. Annet bakt de pizza’s. Tegenover mij zit Victoria, een grote vrouw die klein begonnen is. Met behulp van een microkrediet startte ze als onderneemster en inmiddels is ze ook parlementslid. ‘Maar de gewone mensen begrijpen niet wat mijn rol is,’ zegt ze. ‘Ze vragen me geld omdat ze denken dat ik er ben om hen op die manier te ondersteunen.’

Wat haar rol dan wel is? ‘De belangrijkste taak van de overheid is het bestrijden van de honger,’ zegt Victoria. ‘De cycloon Idai heeft er behoorlijk in gehakt, eerder dit jaar.’ Dat is tekenend, denk ik bij mezelf. Een welvarend land houdt zich met de problemen van vandaag bezig, of zelfs met die van morgen. Een arm land kan alleen maar zorg dragen voor de problemen van gisteren. Zaken worden pas noodzaken wanneer het te laat is.

Victoria legt me uit hoe de prijs voor rijst en mais in elkaar steekt, gesubsidieerd door de internationale noodhulp, en we praten over wat voetbal voor de mensen kan betekenen. Om het voetbalveld moet een muur worden gebouwd, want daarmee creëer je inkomsten. Ik spreek mijn twijfels uit, het dorpsteam is tenslotte geen Manchester United. Geef je het team een muur, dan neem je een deel van het publiek zijn voetbal af. ‘Sport hoort van alle mensen te zijn,’ zeg ik. Maar ik heb het mis, want voetbal is geld.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s