Boekpresentatie Zwarte ogen

Aside

Op donderdag 8 oktober vond de officiële boekpresentatie van Zwarte ogen plaats bij boekhandel Scheltema in Amsterdam. Het eerste exemplaar werd uitgereikt aan Abdelkader Benali.

Foto: Tim van der Veer

Advertisements

Brons Bronze Pronssi

Seven years after winning a bronze medal in the Dutch national marathon championships, I did it again. This time not in The Netherlands, but in Finland. It was a special marathon, with only competitive participants, 23 in total. Jaakko Nieminen won the title (2:26), and Mikko Tolonen won surprisingly silver (2:28) – he did not only surprise us, he also surprised himself. My own finishing time was 2:29’35, clocking just below 1:13 halfway. Although I had to take a short break after 30k with stomach pain due to a tactical mistake (speeding up uphill), I consider this race one of my best marathons ever, as the route was very tough, with almost continuously hills and several kilometers on non-tarmac roads. According to the organization, we ascended and descended nearly 300 meters during the race. Along the route, we were provided with spectacular ruska views, personal drinks every 3k (!) and helpful volunteers, making me love this wonderful country even more than I already did.

Profile of marathon route in Pyhtää
Profile of marathon route in Pyhtää

I have been able to pick up the training very soon after the race and am now preparing for the Amsterdam marathon, which will be on October 18th. There and then I will try to break my personal best, which is 2:23.

Mikko Tolonen (silver), Jaakko Nieminen (gold) and me (bronze).
Mikko Tolonen (silver), Jaakko Nieminen (gold) and me (bronze).

Check out Jaakko Nieminen’s blog for his (winning) perspective of the race (in Finnish).

Van min tien naar plus twintig

SM marathon Joutseno. Photo: Mogulin blogi
SM marathon Joutseno. Photo: Mogulin blogi

Begin september liep ik in Levi, Fins Lapland, de Ruskamarathon als training. Twee weken later startte ik bij de Finse marathon kampioenschappen in Joutseno met hoge ambities, maar na 21km kopwerk verloor ik alle kracht. Vanwege het puntenklassement, waarin onze club kans maakte het seizoen winnend af te sluiten, sleepte ik mijn lichaam nog 15 kilometer voort over de wegen, maar uiteindelijk moest ik toch opgeven. Ik was die dag te vermoeid, waarschijnlijk omdat ik in de laatste fase van de wedstrijdvoorbereiding, waarin je vooral moet uitrusten (de zogenaamde tapering) toch nog flink was blijven doortrainen. Inmiddels had ik me wel aangemeld voor de Amsterdam marathon, dus loop ik komende zondag bij een temperatuur van maximaal 21 graden – toch net even iets warmer dan bij ons in Posio (momenteel tussen -10 en -2 graden) mijn derde marathon binnen anderhalve maand. Voor een impressie van de laatste snelheidstraining in de sneeuw, op de duizend meter lange paardenbaan even buiten het dorp, zie onderstaande video. De tekst erbij is een vlugge (dus niet zo mooie) vertaling van een deel van een bekend gedicht van Eino Leino, de nationale Finse dichter.

Kopenhagen

Zelden kwam ik zo trots over de finishlijn.  Met 2:34’55 bleef ik dan wel ver van mijn persoonlijke besttijd (2u23) verwijderd, maar na de langdurige blessureperiode (2011-2012) was het enorm mooi om weer een marathon te volbrengen.

Twee dagen voor de wedstrijd leek het er sterk op dat ik ‘m moest afzeggen. Ik had namelijk al meer dan een week last van mijn rug en SI-gewricht waardoor ik nauwelijks heb kunnen lopen. Hoewel het geen kwaad kan goed uit te rusten voor de marathon, is het toch ook belangrijk om nog een paar flinke trainingen te volbrengen. Zaterdag liep ik echter een half uurtje zonder pijn, en ik besloot het er zondag gewoon op te wagen, met de belofte aan mezelf bij de geringste klachten uit te stappen, om erger te voorkomen.

Zonder hoge verwachtingen stond ik dus aan de start. De eerste kilometers draaide het echter veel beter van verwacht. Ik liep op een schema voor 2u27, een stukje harder dan gepland. Ook de regen, die binnen een half uur al begon te vallen, leek me weinig kwaad te doen, al veranderden de straten in enorme plassen en werden in de loop van de tijd de toeschouwers erdoor verdreven. Ik vond het aanvankelijk wel prettig, want ik had niet de moeite genomen om mijn drankvoorziening te regelen; de bedoeling was immers om vrijuit te lopen. Door de regen werd drinken minder van belang.

Na een doorkomst halverwege in 1u13 begonnen de kilometertijden langzaam op te lopen.  Rond 33 of 34 kilometer was de motor ineens leeg. Nog steeds ging ik volle kracht, maar ik werd door iemand anders ingehaald en hoewel ook zijn loopje niet bepaald snel was, verdween hij in no time uit zicht. Het vereiste geen hogere wiskunde om te beredeneren dat ik niet zo hard meer ging. De laatste kilometers waren een fysieke martelgang. Mijn lichaam was moe en leeg en de benen wilden niet meer bewegen. Maar mentaal voelde ik me prima – ik genoot met volle teugen van die laatste kilometers die me brachten waar ik naar verlangde: ik ben weer marathonloper.

Met deze race heb ik voorgoed afgerekend met de blessure-periode. In de twee jaar waarin ik vaak nog geen 500m pijnloos kon wandelen heb ik veel steun gehad van mijn omgeving, van andere hardlopers en van mensen die vertrouwen in me bleven houden (of deden alsof). Ik ga geen namen noemen, want dat zou een eindeloze lijst opleveren, maar al die kleine gestes en woorden deden me goed, en ik ben jullie daar enorm dankbaar voor. Hardlopen en de marathon zijn ontzettend klein en nietig in vergelijking met wat mensen voor elkaar kunnen betekenen. Nu wilde ik nog iets zeggen over de staat van de Nederlandse politiek, waarin wantrouwen en egoisme lijken te regeren, maar ik doe het niet. Vergeet de politiek, laat je hart spreken!

Trots in Kopenhagen
Trots in Kopenhagen

Hoppee ei oo häppee

Hoppee ei oo häppee: mijn eerste prijsje in Finland

(wedstrijdverslag) Wederom een bijzonder hardloopmoment: voor het eerst sinds de tweejarige blessureperiode mocht ik weer eens een podium beklimmen. Samen met meer dan tweeduizend andere hardlopers stond ik aan de start van de Länsiväyläjuoksu, een wedstrijd over 17,4 kilometer in Espoo, praktisch in de achtertuin van winnaar Jussi Utriainen (momenteel één van de beste Finse hardlopers, met een PR van 1u02 op de halve marathon). Het eerste deel kon ik mooi met Jussi aan kop gaan, maar met de downhills verloor ik telkens vele meters die ik heuvelop weer moest goedmaken. Na tien kilometer brak dat me op en moest ik me laten terugzakken, om uiteindelijk met driekwart minuut achterstand te finishen. Toch nog goed voor een tweede plek: hoppee ei oo häppee (zilver is geen schande). De tijd (59min) zegt niet zoveel, vanwege het parcours maar ook vanwege mijn trainingsprogramma dat gericht is op de marathon van Kopenhagen, in 28 dagen tijd. Jussi liep overigens een dag eerder nog de halve marathon.

Succes in Schoorl

Het is zes uur in de avond – tussen de talloze mensen op de luchthaven van Amsterdam bestellen twee een kopje koffie om een mooi weekend te bekronen. Een paar uur eerder liepen ze samen de Groet uit Schoorl-run, een wedstrijd over tien kilometer door het mooiste duingebied van de wereld. De één, de Finse Eeva Sajanti, liep een dik persoonlijk record en finishte in 35’07 tussen de beste dames. Het is vooralsnog de beste Finse jaarprestatie. De ander, ikzelf, liep precies 2 minuten harder maar bleef ook twee minuten van zijn persoonlijk record verwijderd, toch is ook hij dik tevreden omdat de wedstrijd het einde markeert van twee jaar blessureleed.

Finnish Finish. Eeva gefotografeerd door Erik van Leeuwen (www.erki.nl)

Het is dan ook niet moeilijk voor te stellen dat de twee gelukkig zijn. Toch zijn het niet per se de prestaties die het stel gelukkig maakt. Het is een voorrecht om een gezond lichaam te hebben, samen een wedstrijd te lopen en ‘s avonds terug te vliegen naar het land waar je woont.

Ik verlang terug naar Finland. Een week lang ben ik in Nederland geweest. Hoewel het fijn was om familie en vrienden te ontmoeten voelde ik me er opjegaagd. Zoveel mensen, zoveel nodeloze woorden, op straat, in de bar, in de supermarkt en in de trein. Geef mij maar het rustige tafereel van de twee eekhoorntjes in de sneeuw: altijd weet ik ze te vinden als ik de gordijnen openschuif. Of de pestvogel met de gele rand op zijn staart, die met een handig gebaar de sneeuw van de tak schudt voor het een hapje neemt van de verschrompelde vruchten aan de appelboom.

Lachend over de finish, door Erik van Leeuwen (www.erki.nl)

Maar vandaag dus die eerste echte wedstrijd in twee jaar. Omdat ik de dagen tevoren wat last had van de peesplaat op de dij deed ik het voorzichtig aan. Met achttien kilometer per uur liep ik mee, na een kilometer haalde ik Eeva en haar zus in, een kilometer later Reina Visser en weer een kilometer later bereikte ik een groepje met onder anderen Michiel Snuverink. Zo liep ik genietend van het prachtig besneeuwde duingebied en durfde ik op het laatst nog iets aan te zetten om zeker te weten dat ik de geplande 33’20 zou halen.

De koffie is op. Ik pak Eeva’s hand vast en we lopen naar de terminal. Als we in Helsinki aankomen moeten we middernacht nog op de bus stappen die ons in drie uur naar huis zal brengen. Morgen zie ik de eekhoorntjes weer!