(11) The Art of Running

Twee dagen na de Venloop volgt een lange duurloop van bijna drie uur bij daglicht, waarvoor ik er stiekem tussenuit knijp op mijn werk. Iets voorbij Lonneker kom ik op de Vegerweg langs de eerste van zo’n zes Mariakapellen en landkruizen in het gebied rondom Oldenzaal en De Lutte. Ongeveer een derde van de Twentse bevolking staat geregistreerd als katholiek, wat dat betreft lijkt het hier wel een beetje op Brabant. Het aardige is dat soms staat aangegeven wie de kapel heeft gebouwd (of eigenlijk: ‘gefinancierd’, want de bouwers zelf zijn zoals altijd anoniem). Ik stel me voor dat het een soort toegangsbewijs is voor de hemel, een geheugensteuntje voor God, mocht Hij even vergeten zijn wie er zo vroom zijn geweest. Geloof is er wel, maar vertrouwen?

Een week met minder kilometers, minder uren, minder calorieën en –helaas- minder slaap. De trainingsomvang neemt nu echt af, het grote werk is verricht. Bloed, zweet en tranen, zeggen ze in Rotterdam. Maar ach, wat is Rotterdam nou nog? Stad aan de sterk vervuilde Maas, net-niet de grootste stad van Nederland, net-niet de grootste havenstad ter wereld en een noodlijdende voetbalclub.  Stad van vergane glorie. Geen bloed dus, geen tranen, maar misschien wel zweet. Want een week voor de wedstrijd vertelt de weerman me dat het lente gaat worden, zomer zelfs, hoogstens een hittegolf, misschien wel de ergste van de eeuw.

Week 13: (gewerkt maandag t/m vrijdag overdag)

Maandag: rustdag (dag na Venloop ½ marathon).

Dinsdag: Lange duurloop 2u45. Enschede – Haagse Bos – Boerskotte – Egheria -Oldenzaal – Lonnekerberg – Enschede. Zonnig maar fris, laatste stuk bij zonsondergang.

Woensdag: tempoduurloop 30min DI – 20min DII – 10minDI – 10min DIII – 10min DI. Bij Glanerbrug de grens over, via Lonneker terug. Regen en koud.

Donderdagochtend: 30min DI.

Donderdagavond: 2x (3×6’30 DIV) ipv geplande baantraining 2x (3x2000m) in 6’30 a 6’20).

Vrijdag: 65min DI (Glanerbrug – Hoge Boekel – Lonneker). Regenachtig. Moe.

Zaterdag: 30min DI – 5x30sec techniekloop – 35min DIIaIII – 10min DI. Regenachtig, hoge hartslag, draaide voor geen meter.

Zondag: Lange duurloop met Rene Stokvis: Enschede – Buurse – richting Alstatte, na Duitse grens door het Witte Veen terug. Goed gevoel, lekker gelopen. Heerlijk weer.

The Art of Running

Mensen slenteren door de kerstraat of wandelen over de winterse heide. Een snelle vent rent naar de tram, joggen is voor logge lijven, nadien wat roggebrood want je jogt je dood.

Zondagmiddag, duurloop met Rene. In een rustig tempo draaien we warm, even moet ik me zelfs inhouden om mijn trainingsmaatje niet voor mietje uit te maken, maar dan heb ik de sfeer voor de middag verpest want vandaag staat ruim twee uur op het programma. Zodra we voorbij het Rutbeek zijn gaat ongemerkt het tempo omhoog. We besluiten dan ook na Buurse de grote weg richting Alstätte te nemen: niet alleen hebben we daar minder last van langzaam verkeer, maar ook heerst er in Duitsland een beter topsportklimaat, alle inspanningen van de Nederlandse atletiekunie ten spijt. Inderdaad, over de grens komen we langs overvolle Biergartens, das Volk kijkt verrast op en juicht, want hebben we daar niet de Nederlands kampioen 1500m die door een marathonloper wordt begeleid? Geroutineerd trekken we ons niets aan van het publiek, we zijn in training en concentreren ons op de weg. Als die weg vervolgens langzaam over gaat in een bochtig en glibberig pad door het Witte Veen let ik even niet op en struikel over een uitstekende tak. Onhandig probeer ik Rene er nog van te overtuigen dat ik van dichtbij de sporen van een zeldzame grazer aan het bestuderen ben, dat ik probeer uit te vinden of het een mannetje of een vrouwtje betreft. Ach, in ieder mens huist een bioloog.

Rene zal niet uitglijden in de modder of struikelen over een tak. Nee, die kiest daar de mooiste wedstrijden voor uit, zoals de Nijmegen Global Athletics, en laat daar zelfs een struikelhaas voor inhuren.

Bij de voorbereiding van een wedstrijd vergeet je wel eens wat er allemaal mis kan gaan: losse veters, weersomstandigheden, opstandig publiek of een eigenwijze automobilist met een aangeboren haat tegen hardlopers. Ik probeer dan ook me niet teveel vast te pinnen op een geplande eindtijd. In Rotterdam wil ik in de beginfase lekker lopen, vertrouwend op onze hazen (Erik Negerman en Edgard Creemers) en op het gezelschap van runningmate Raymon van den Berg.

(9) Spijlen van Ambitie

Maandagochtend een rustig duurloopje over het strand bij Gandia, Costa Valencia. Een licht briesje brengt wat koeling, verder is het zonnig en warm. Golven spoelen aan, van een branding kan men eigenlijk niet spreken. Als ik op de veranda vers geperste sinaasappelsap drink, gemaakt van vruchten uit de streek die gisteren nog aan de boom hingen, word ik me bewust van een zomers gevoel. Waar dat precies van komt, zo vroeg in maart?

Twee dagen later (terug in Andalusië) volgt een van mijn mooiste lange duurlopen ooit, langzaam klimmend langs de helling van de Sierra Nevada, met passages door amandelboomgaarden, bloesemend in roze en wit, en adembenemende uitzichten over de vallei. Bij Alquife word ik met de auto opgepikt door de trainer van Paquillo. Als we in Guadix weer uitstappen komt een man op de populaire atleet afgerend: “Paquillo, ben jij het?! Je bent mijn held en mijn broer, ik volg je waar je ook loopt!” Lachend schudt de snelwandelaar hem de hand, inmiddels zijn Alex en ik gewend geraakt aan de enorme populariteit van de sportman.

‘s Middags kom ik voor de eerste keer in mijn leven bij de masseur. Aan de muur hangen posters van, jawel, Paquillo. De eerste minuten houd ik het bijna niet uit van de pijn en kan ik me niet voorstellen het komende uur te overleven. Maar de dag erna geen spierpijn hoewel de beul die voorspelling wel had gedaan. Overigens geloof ik dat het nut van massage in blessurepreventie bijna verwaarloosbaar is. Voor mij persoonlijk zeker, heeft een nagenoeg blessurevrije carrière me geleerd.

Die avond nemen we nog afscheid op de atletiekbaan, waar een talentvolle jeugdploeg aan het trainen is… Snelwandelende kinderen van amper 10 jaar, zoiets is in Nederland toch onvoorstelbaar!

Terug in Nederland valt de omslag van het weer me niet zwaar. Hoeveel ik ook in het buitenland kom, van binnen blijf ik toch een Nederlander, koelbloedig en gehard tegen weer en wind. Op zaterdag reis ik tussen de trainingen door op en neer naar Den Haag, onder andere om atleet Michiel Snuverink te coachen die verrast met een prachtig persoonlijk record. Dat Haile die dag niet wint en het beloofde wereldrecord niet eens in gevaar komt bewijst maar weer dat de wereld niet maakbaar is, ook niet voor een commerciële wedstrijdorganisatie.

Dit was qua omvang de zwaarste week van de marathonvoorbereiding, de volgende drie weken zal de nadruk meer en meer komen te liggen op rust en specifieke trainingen.

Week 11 (vakantie in Andalusië en Twente)

Maandagochtend: 60min duurloopje inclusief 10x20sec sprint. Over het strand bij Gandia, Costa Valencia: warm, zonnig, palmbomen, rijpe sinaasappels.

Maandagmiddag: terugreis naar Guadix (450km) waarna wat pijn in rechterbil.

Dinsdagochtend: 70min duurloop DI bij Val del Zalabi richting Charches variërend van 1100 tot 1300m hoogte. Met inmiddels krachtige bovenbeenspieren kwamen we pas bij de afdaling (na 200m klimmen) erachter dat we niet over vlak terrein hadden gelopen!

Dinsdagavond: baantraining in Guadix (980m hoogte): 2 series van 5x1200m 1e serie in 3min54, pauzes 90sec; 2e serie in 3min48, pauzes 90-120sec; seriepauze 3min. Eerste serie samen met Alex. Zonsondergang, de volle maan boven de bergen.

Woensdagochtend: 2uur05 rustige duurloop vanaf Guadix naar Alquife (hoogste punt ca 1300m).

Woensdagmiddag: massage.

Donderdagochtend: terugreis naar Enschede

Donderdagmiddag 35min loslopen (regenachtig maar niet koud)

Donderdagavond: baantraining met Rene Stokvis: 4 series 600m (1min54, pauze 2min) – 500m (1min35) – pauze 90sec – 400m  (72sec maar laatste in 62sec) – seriepauze 3min.

Vrijdagochtend: 70min duurloop 30min DI (15km/uur) – 40min DII (16km/uur).

Vrijdagavond: duurloop 70min inclusief vaartspel: 20min DI – vaartspel 15min – 15min DI – vaartspel 11min – 10min uitlopen1.

Zaterdagochtend: duurloop Enschede-Zuid.

Zaterdagavond: tempoduurloop totaal 1uur10 als volgt 10min DI – 15min DIII – 5min DI – 12’30 DIII – 5min DI – 10min DIII – 15min uitlopen, tot Duitse grens en terug via Lonneker.

Zondagmiddag: Lange duurloop 3uur08 vanaf Deventer door IJsselvallei en Veluwe naar Rheden. Behoudens enkele dwalingen langs het fietsknooppuntennetwerk: 43-14-16-17-     31-32-34-58-59-87-32-68-66-69-85. Daarna soep en pannenkoek in Zutphen.

Zwervend over de Veluwe

Of ik de veerpont naar Gorssel moet hebben, die vaart nu nog niet. ‘Nee hoor, ik ben een vrij man vandaag,’ antwoord ik, ‘ik ben op verkenning’. Een oude man is het die me aansprak, een peuk in zijn rechtermondhoek en een bal in de hand. In regenbestendige jas van de lokale klootschietvereniging gaat hij gekleed, meewarig kijkt hij toe hoe ik de kou en miezerige regen trotseer in korte hardloopkledij. ‘Concentreren!’ roept een ploeggenote die met lede ogen ziet dat haar team langzaam vordert. Schouderophalend draait de man zich van me af en werpt de bal, die met een mooie draai de bocht in de weg volgt, een eind vooruit.

Ik voel me een vrij man. Vanochtend nam ik de trein om de langste duurloop van de marathonvoorbereiding te volbrengen nabij Holten, maar aangezien het gezellig was in de trein tegenover een leuk bejaard stelletje bleef ik zitten tot Deventer. Vandaag voldoet immers het boekenweekgeschenk als treinkaartje door heel Nederland.

Een duurloop van drie uur, dat is zelfverwennerij! Dolend door de IJsselvallei, over de winterdijk langs volgestroomde uiterwaarden. voel ik me bijna volmaakt gelukkig als een vrij mens. Het fietsknooppuntennetwerk biedt hulp bij het vooruitplannen van de route, maar ik neem ook de vrijheid om af en toe af te dwalen. Maar hoe vrij ben ik eigenlijk? Ben ik geen slaaf van mijn eigen trainingsprogramma, anders zou ik toch vaker zulke duurlopen doen? Word ik niet gedreven door ambities, door zelf opgelegde eisen? Niks vrijheid, gevangen ben ik, in een kooi met spijlen van ambitie, hoop en liefde, maar desalniettemin een kooi. Gedrild door de morele plicht een bijdrage te leveren aan de maatschappij. Was die maatschappij er niet geweest dan was ik nu ook aan het rennen, vluchtend voor een roofdier. Had ik me dan ook zo vrij gevoeld?

*Vaartspel:

15min: eerste 5 minuten harde tempo’s uitbouwend van 10 sec t/m 50 sec met rest van iedere minuut rustig doorlopen, dan 3x5min hard met tussendoor 1min rustig, laatste 5min tempo’s afbouwend van 50sec tot 10sec hard met rest van minuut aangevuld met rustig doorlopen

11min: minuutjes met harde tempo’s van 10 sec uitbreidend tot 60sec en weer terugbouwend tot 10sec, rest van iedere minuut rustig doorlopen.

(6) Avocado met Zout en Peper

Een week zonder hartslagmeter omdat de batterij op is. Ik moet zeggen dat ik het ding niet mis, je raakt er totaal geschift van. De informatie die je eruit haalt waar je vervolgens ook echt iets mee doet is overigens meestal te verwaarlozen.

Met zo’n 150km was dit een relatief relaxte week voor me. Even een minder prominente plaats in mijn leven voor het hardlopen, waardoor ik overigens teveel andere dingen plan en alsnog te weinig echte rust krijg. Donderdag kon ik bijvoorbeeld pas om 21uur aan mijn duurloop beginnen: voorbij Glane Beekhoek sloeg ik linksaf de Haweg op, een verlaten landweg zonder straatverlichting. Het was donker en een beetje mistig, enkel de sneeuw zorgde ervoor dat ik weg van berm kon onderscheiden, maar ook die hulp verdween snel toen een miezerbuitje uit de lucht kwam zetten. In hoog tempo liep ik door complete duisternis, af en toe opgeschrikt door geluiden van kraaien of een brekende tak. Op een gegeven moment draaiden in de verte twee lichten de weg op om me vervolgens razendsnel te naderen. Ineens is er dan niets behalve het verblindende witte licht en moet ik min of meer op gevoel naar de berm. Een welgemeende vloek die de onzichtbare bestuurder toch niet kan horen, maar het geeft ook een kick. Waar sommigen de Mount Everest voor moeten beklimmen is het voor mij al voldoende om te rennen door ultieme duisternis waarbij de nevel de maan haar licht ontneemt. Levensgevaarlijk! Maar wat kan mij het schelen?

Zondagochtend, opnieuw vroeger wakker dan gepland, sla ik de dekens opzij en loop naar de keuken voor een vitaminetablet – de eerste in mijn carriere. Die ochtend volgt meteen al het placebo-effect want in de lokale Woolderesloop soleer ik naar een tijd die slechts 4 tellen verwijderd is van mijn persoonlijk record op de 10km. Met een doorkomst halverwege in 16’00 draai ik lekker warm om tussen kilometer 6 en 7 te versnellen en uiteindelijk te finishen in 31min35. Een onverwachte maar zeer welkome opsteker die extra vertrouwen schept voor een nieuwe toptijd in Rotterdam: in anderhalve maand trainen heb ik weer een behoorlijke vorm te pakken.

Week 8 (werken: maandag t/m vrijdag overdag)

Maandagavond: 50min D1 – 2000m wisseltempo1 –rompstabiliteit – 15min uitlopen

Dinsdagochtend: ochtend 50min D1

Dinsdagavond: met Florian, geplande baantraining 5x2000m in 6’40 a 6’30 met 2min rust, echter na het eerste tempo op gladde baan gekozen voor dezelfde tempo’s op de weg, die natuurlijk iets harder gingen (tot 19km/uur).

Woensdag: rust (’s avonds buikspieren)

Donderdagochtend: 40min D1

Donderdagavond laat: duurloop 80min: 30min D1 – 50min D2

Vrijdag: duurloop 90min

Zaterdag: 20min D1 – Sintelbaan UT: 5x (200m hard- 200m dr) – 5x kort tempo tribune op – 60min door Twekkelo. Redelijk vermoeid. ’s Avonds video en wijntjes.

Zondagochtend: 8km inlopen – 10km Woolderesloop in 31min35s – 5km uitlopen (toch maar de trein terug genomen naar Enschede). Nadien appeltaart bij Michiel Snuverink die voor het eerst onder 33min liep – een verbetering van een halve minuut ten opzichte van vorige Woolderesloop enkele weken eerder.

Zondagavond: 35min loslopen.

Avocado met zout en peper

Op zaterdag loop ik vanaf de sintelbaan op het Universiteitsterrein langs de nieuwe ijsbaan via een voetgangersbrug over het Twentekanaal naar Twekkelo: een nog blanco pagina in mijn hardloopatlas, verborgen achter het havengebied. Tussen industrieterreinen, het kanaal, de snelweg en een vuilnisbelt ligt hier een pareltje Twente met heide, bossen, vennen ‘en in die geweldige ruimte verzonken, de boerderijen verspreid door het land’. Op verscheidene plekken staan mysterieuze zwarte torens, beplakt met een blauw bordje dat de lezer duidelijk maakt dat een bezoek ongelegen komt (‘verboden toegang – Mijnenwet artikel…” etcetera). Het blijkt om zouttorens te gaan, want sinds het einde van de 1e wereldoorlog wordt hier zout gewonnen door via lange buizen op enkele honderden meters water in de zoutvoorraden te pompen en vervolgens terug te zuigen als pekel. Even laten drogen en het wordt in witte plastic  potjes bij de supermarkt verkocht als keukenzout. De torens zijn ‘industriële monumenten’, tegenwoordig vindt de zoutwinning plaats in de moderne aluminium zouthuisjes die eerder doen denken aan barakken voor kabouters.

Zondag, van de wedstrijd thuisgekomen, smeer ik stukjes avocado uit over mijn brood en bestrooi het met wat peper en zout – uit Twentse bodem.

(5) Thuis in Twente

De week begint redelijk rustig om te herstellen van het weekend in Schoorl. Op dinsdag een training bestaand uit 400-metertjes op souplesse. Wel begint een klein pijntje op te spelen: mijn teen seint dat ik weer wat oefeningen moet doen om de voetboog in stand te houden. Niets bijzonders eigenlijk, bekend probleem en het is zeker geen reden om een onderbreking van de training in te lassen.

Vrijdag voel ik me fitter dan ooit. In no-time leg ik, de grens over, de afstand af naar Gronau en dwars door het centrum, waar de winkels gesloten zijn, terug over de Enschede Strasse. Een dag later mijn eerste lange duurloop met bepakking (drinken, droge kleding) om vervolgens vanuit Denekamp de bus terug te pakken naar huis.

Zondag volgt een heuveltraining met mijn oud-huisgenoot Thomas Miedema: ‘Bus?’ Nee, zegt Thomas, ‘we zijn toch hardlopers’, dus lopen we vanaf station Apeldoorn naar Hoog Soeren, waar we een fikse heuveltraining afwerken terwijl we onze tassen bovenop een hoge stapel boomstammen hebben verstopt. Zoals wel vaker eindigen de duurlooptempo’s in wedstrijdtempo. Tegen het eind van de training lopen we door een waar kerstlandschap: dwarrelende sneeuwvlokken tegen een achtergrond van een naaldbos. Onze tassen zijn niet aangeroerd en we lopen de 10km uit naar de atletiekhal om het NK indoor mee te maken. Gouden Twentenaren van het weekend zijn Wouter de Boer en Marije te Raa.

***

Uit de gouden korenaren

schiep God de Twentenaren

uit het kaf en alle resten

de mensen uit het Westen

Week 7 (werken van maandag t/m vrijdag overdag).

Maandag: Duurloopje 1u20 rustig, toch wat hoge hartslag.

Dinsdagochtend: duurloopje 50min

Dinsdagavond: Baan: 3x (5×400m) 1e serie in 78sec , 2e in76, 3e in 74. pauze 30sec, seriepauze 3min

Woensdag: duurloop 1u45

Donderdag: rust

Vrijdag: ochtend 60min DI

Vrijdagavond: 40min DI – 40min DII (naar Gronau op en neer tot watertoren). Vliegend.

Zaterdag: duurloop vanaf Enschede via Lonneker –De Lutte – Lutterzand naar Denekamp, totaal 2u15 ca 33km

Zondagochtend met Thomas Miedema: Vanaf Apeldoorn CS inlopen naar Hoog Soeren (25min), daar tassen verborgen, heuveltraining: 5x kort heuvelop– 10’DIII a IV – 5xkort – 10’DIII a IV – 3x kort/sprint heuvelop- 15min terug naar tassen, vandaar teruglopend naar indoor atletiekhal (ca 35min).

Zondagavond: duurloopje 45min DI: vies nat, ijzel en sneeuw.

Zaterdagochtend

Op de terugweg, een lading aan bommen lichter, komt uit het niets een harde klap, een knal, een hevig schudden van het toestel. Mister Johnston, piloot, kan het toestel niet rechthouden en weet gelijk dat het mis is. Met een plat Australisch accent brult hij iets onverstaanbaars naar de overige bemanningsleden en probeert ondertussen het hoofd koel te houden: nu is het alles of niets. De bommenwerper helt steeds verder over naar links en de neus richt zich naar de duistere grond die vonken vuur spuwt, de lucht in. Alles is verloren. Mister Hennan, de Britse boordmecano, weet dat hij vrouw en kind aan de overkant van de zee achterlaat: weduwe en vaderloos. In doodsangst telt hij langzaam tot tien om de tijd te doden: een… twee… drie… vier……… (en niets meer).

Een oorlogsmonument aan de oever van de Dinkel verwelkomt me bij het Lutterzand, een natuurgebied dat al maandenlang op mijn verlanglijstje staat. Uit mijn rugtas pak ik opnieuw een flesje sportdrank om de vochtinname te trainen. Een snelle inschatting van de resterende kilometers en tijd: als ik een kwartiertje door het bos ren heb ik nog een half uur om de zeven kilometer af te leggen naar Denekamp, waar vast we een bus zal stoppen om me terug naar Enschede te voeren.

Hoewel het een dag later opnieuw zal sneeuwen is de lente nabij. De bomen dragen nog lang geen bloesem en de krokussen zijn nog verborgen onder de bevroren korst van het Twentse landschap, maar de wind draagt beloftes met zich mee. Die adem je in, voel je door je luchtpijp stromen en langzaam via de longblaasjes in je bloed komen. Energie. De pijn verdwijnt, de wereld ontluikt en de grijze wolken krijgen kleur. Over glooiende, hardbevroren zandpaden met ontelbare bochten verdwaal ik bijna, van het ene pad sla ik het andere in, telkens opnieuw verrast door uitzichten, kale bomen, een bevroren plas. Heerlijk om zo een nieuw landschap te ontdekken, spelenderwijs af te tasten, als een nieuwe liefde. In krap een jaar tijd is Twente me dierbaar geworden.